Het Advokatenkollektief in Utrecht is gespecialiseerd in het bijstaan van ondernemingsraden. Loe Sprengers geeft enkele motieven om naar de rechter te stappen. In een aantal gevallen wordt de rechter gevraagd om een verschil van mening uit de wereld te helpen. Je kunt naar de rechter voor interpretatie. Verder krijg je informatie die je anders niet krijgt. Sprengers ziet twee herkenbaardere motieven om naar de rechter te stappen. Allereerst om een bepaalde gang van zaken naar de achterban te legitimeren. De or laat dan zien dat hij er alles aan gedaan heeft om verslechtering tegen te gaan. In een aantal gevallen is er al zo veel gebeurd dat de procedure gevoerd wordt om iets wat ‘er bovenop komt’. Dat kun je dan zien als een soort opzeggen van vertrouwen.
Dat laatste is ook te beluisteren bij een andere advocaat, Simon Tan uit Rotterdam. Vooral het doorprocederen gebeurt soms omdat er al zo veel in is gestopt dat het moeilijk is om op een standpunt terug te komen. Zakelijk kijken naar een uitspraak gebeurt minder bij rechtszaken die de arbeidsverhouding raken. Hij vraagt zich af waarom mediation in Nederland niet zo’n vlucht heeft genomen als in andere landen. Tan herkent overigens weinig in het procedurele motief. Niemand gaat naar de rechter voor interpretatie, al wordt er in de non-profit makkelijker over rechtszaken gedacht.
Vergeleken met de profitsector gaat het daar soms om flauwekul. Er kan tijdens de rechtszaak meer informatie komen dan anders het geval zou zijn. Maar de rechter gaat af op de informatie die beide partijen verstrekken.
De gang naar de rechter heeft ook nadelen, en dat is meer dan geld en tijd. Vaak is er al een grote boosheid, die niet minder wordt door de uitspraak van de rechter. Het kan lang duren voor de verhoudingen weer hersteld worden. De rechtsgang levert bovendien zelden iets tastbaars op.
Soms heeft de rechtsgang dus nut, maar zou het niet anders kunnen? De helderheid zou per onderneming kunnen worden geregeld, bijvoorbeeld op grond van een eigen participatiecode. Ook als soort motie van wantrouwen zijn betere methoden denkbaar, in ieder geval zonder grootscheepse statusgevechten. En moet er een betere tastbare opbrengst voor werknemers te halen zijn. Nu wordt de rechtsgang vooral gezien als bescherming tegen willekeur.












