Dat schrijft de Nationale ombudsman in het 8 mei gepresenteerde verslag van een onderzoek, dat een jaar geleden is ingesteld na klachten over discriminatie van twee Marokkaanse inspecteurs en een Turkse tolk. Ook de Commissie Gelijke Behandeling, die de ombudsman bij het onderzoek betrok, heeft geen aanwijzingen voor discriminatie gevonden.
Voormalig inspecteur El Rahmani, die nu majoor bij de marechaussee is, is het slachtoffer geworden van animositeit tussen leidinggevenden. Hem zijn ook promoties in het vooruitzicht gesteld, die niet werden gehonoreerd. ‘Hij is niet behoorlijk behandeld’, aldus de ombudsman.
Ook de opmerkingen richting Moshine Semlali waren volgens de ombudsman weliswaar niet discriminerend of racistisch, maar wel onbehoorlijk. Bovendien had de korpsleiding hem duidelijker uit moeten leggen waarom hij nog niet in aanmerking kwam voor een promotie op het moment dat hij zichzelf daar wel geschikt voor achtte. In de zaak van de Turkse tolk is grotendeels wel zorgvuldig gehandeld, aldus de ombudsman.
De korpschef is blij met het rapport. Men erkent dat er meer moet worden gedaan om allochtone agenten aan te trekken en te behouden, een probleem dat voor de hele Nederlandse politie volgens de ombudsman geldt. Andere geadviseerde maatregelen, zoals een klachtenregeling en helder personeelsbeleid zijn al in gang gezet.




